Home Over ons Nieuws Laatste nieuws Wij stookten hier op een kolenkachel

Wij stookten hier op een kolenkachel

Leestijd: 5 minuten

Het eerste huurcontract stamt uit 1958. Destijds werd de woning verhuurd door de ‘Directie van de Wieringermeer’. Het was nog het tijdperk van de gulden en de huur was elke maand ⨍40,75.

Mevrouw Van Diepen (1936) heeft alle veranderingen meegemaakt. Van de gulden naar de euro en van Dienst der Domeinen, naar Woningbouwvereniging Noordoostpolder, naar Mercatus. De huur is nu wel tien keer zoveel, maar met de woning is ze nog altijd even blij als toen ze nog veertig gulden betaalde.

Mevrouw Van Diepen zit op haar stoel met twee breiwerkjes die net klaar zijn. Cadeautjes voor de achterkleinkinderen die op komst zijn. Aan de wand hangt een grote foto met de hele familie. “Die is alweer oud hoor”, lacht mevrouw. “Er zijn er al heel wat bij gekomen!" Ze telt elf kleinkinderen en maar liefst veertien achterkleinkinderen. En dit jaar worden er dus nog drie geboren! Daar kijkt ze enorm naar uit.

Mevrouw weet het nog als de dag van gisteren dat ze naar de polder kwam. Haar vader kreeg een tuindersbedrijf in Marknesse. Ze zouden van Noord- Holland naar de Noordoostpolder verhuizen. Haar vriendje Theo, die twee jaar later haar man zou worden, wilde wel mee. Maar ze gingen wel eerst even samen de boel verkennen, op de brommer van Noord-Holland naar Marknesse.

"We kwamen hier aan en ik weet nog dat we zeiden: “Er staan hier meer kerken dan huizen!” Het enige café dat er was, was Bertus Post toentertijd. Daar hebben we wat gegeten en gedronken. Het huis was nog in aanbouw. Tussen al die kerken was er nog geen katholieke kerk. De kerkgangers kwamen toen nog in een barak bij elkaar. Twee jaar later waren wij het eerste bruidspaar dat hier in de katholieke kerk trouwde!”

Eigen woning

Haar man Theo werkte in het begin bij Koning, ook een tuinder. Hij sliep na het werk boven in een arbeidershuisje, waar alle kinderen ook sliepen. In rijtjes lagen ze naast elkaar op zolder. Later ging hij in de kost bij Kamp de Voorst bij de familie Postma. Daar sliepen ze in barakken. Het jonge stel wilde maar wat graag trouwen en een eigen woning hebben! “We zijn toen naar de Directie van de Wieringermeer gestapt. In die tijd was er een spreekuur. Dan moest je naar het kantoor komen om je in te schrijven en je zegje te doen.”

Mevrouw wijst naar het groene perk aan de overkant van de straat. “Er was kermis geweest hier aan de Walstraat. Daar gingen Theo en ik naartoe en toen zagen we dat dit huis leeg stond. Dat zou toch niet zo gek zijn! Dus wij gingen naar dat spreekuur toe.” Ze konden wel een arbeiderswoning krijgen aan de Zwartemeerweg, werd gezegd. Nou, mevrouw had lang genoeg aan een doodlopend straatje gewoond en ze wilde echt niet aan de rondweg wonen! Ze hadden geen auto en je zat daar ver van alles af. Meneer had op zijn beurt het slapen in een arbeiderswoninkje wel meegemaakt en dat deed hij liever niet meer. Wachten dus. En nog geen paar weken later kregen ze bericht dat ze alsnog de woning aan de Walstraat kregen! Daar woont mevrouw nog altijd. Meneer Van Diepen overleed tien jaar geleden.

Veel veranderd

“In die tijd stookten we nog op een kolenkachel”, vertelt mevrouw. “In het schuurtje was een kolenhok. Daar zie je de restanten nog altijd van. De woonkamer had twee kamers en de grote kamer was aan de zonkant gebouwd. Het zag er heel anders uit, als je de voordeur binnenkwam, dan was er een gangetje tot aan de bijkeuken. Later werd daar een keuken gebouwd. “Vijf jaar geleden had ik problemen met de kraan. Toen belde ik Mercatus en zei die medewerker: “Ik denk dat u toe bent aan een nieuwe keuken.” “Nou, dat hoeft niet per se hoor”, zei ik nog. Maar goed, ik kon naar kantoor komen om te kiezen wat ik dan wilde. Ja, het was misschien ook allemaal wel oud, zo uit de jaren ‘70, dus ik heb het uiteindelijk toch maar gedaan.”

Door de jaren heen is de woning wel opgeknapt: nieuwe kozijnen, ramen en de kolenkachel is natuurlijk allang vervangen door centrale verwarming. De grootste verandering is eigenlijk de omgang met de buren. Dat was vroeger veel hechter. “Nu hebben we haast geen contact. Maar, misschien is dat ook omdat ik ouder word. Alle vrienden en vriendinnen van vroeger leven niet meer,” vertelt mevrouw. Ook alle winkeltjes zijn uit het dorp verdwenen. Desondanks woont ze er nog altijd graag en ze doet de boodschappen gewoon nog op de fiets! Volgend jaar wordt ze 90 en dat viert ze het liefst in haar huis waar veel herinneringen liggen. Hun vier kinderen zijn hier opgegroeid. Drie ervan wonen vlakbij in Kraggenburg en eentje in Soesterberg. Ze ziet de kinderen en alle klein- en achterkleinkinderen geregeld en dat vindt ze superfijn. Het liefst blijft ze hier wonen, dit is echt haar thuis. Al 67 jaar!

Meer lezen?

Dit artikel staat ook in de laatste editie van ons bewonersblad 'Samen Wonen'. Wil je meer van dit soort verhalen lezen?

Lees de Samen Wonen